Willem van Hanegem

Interview door : Youssef Aghmir en Youssef Ghazouani - Gepubliceerd op : 15 Maart 2013
HAARLEM – Willem van Hanegem, ook bekend als ‘De Kromme’. Als speler was hij één van de belangrijkste figuren die het Nederlandse elftal ooit heeft voortgebracht. Tegenwoordig is de Nederlander onder meer actief als trainer, coach en analist. Onder de Marokkaanse supporters staat van Hanegem ook bekend vanwege zijn positieve kijk op Marokkaanse spelers uit voornamelijk de Eredivisie. De voetballegende is een liefhebber van Marokkaanse spelers en dus vond Atlas-Lions het de hoogste tijd om de beste man te interviewen. Atlas Lions-redacteuren Youssef Ghazouani en Youssef Aghmir spraken af met de oud-international. Bij aankomst wordt het duo hartelijk begroet en nog voordat het interview van start gaat steekt van Hanegem al van wal: “Ik begrijp er niets meer van. Zoveel goede spelers, maar het lukt ze niet om te presteren. Ik begrijp het gewoon niet.”

 
Willem van Hanegem: “Mij is toen gevraagd of ik bondscoach van Marokko zou willen worden en ik zei toen: ‘Ja, dat doe ik wel.’ Ik heb daarna nooit meer iets van ze gehoord.”

[pimg]http://atlas-lions.nl/style/default/Interview_Van_Hanegem.png[/pimg]

 
Zoals jullie van ons gewend zijn starten we het interview altijd met de vraag naar hoe het gaat met de persoon die we interviewen. Bij Willem van Hanegem ontbrak de gebruikelijke vraag ook niet. “Met mij gaat het goed. Ik word alleen een beetje moe van dit weer. Ik moet een beetje in beweging blijven, dus loop ik elke dag een stuk. Alleen als het sneeuwt, is het aardig koud. Dus ik ben erover aan het nadenken om naar Spanje te verhuizen”, lacht van Hanegem. “Ik heb veel gerookt in het verleden, dus ik moet blijven bewegen.”

Over Willem van Hanegem werd vaak gezegd dat hij uren over voetbal kon praten. Wij zijn dan ook benieuwd of dit nog steeds het geval is. En natuurlijk wordt er dan ook gesproken over Barcelona en Real Madrid, die elkaar de afgelopen tijd vaak troffen. “Vroeger keek ik echt alles. Laatst keek ik naar de ‘classico’ en dan zapte ik ineens naar de Duitse of Engelse competitie. Omdat ik me aan Barcelona ergerde. Ze kunnen zo goed voetballen en dan kan ik er zo slecht tegen als ze verliezen. Die jongens spelen al vier jaar aan de top, dat is uniek. Als je in één seizoen meer dan de helft van de wedstrijden goed speelt, dan ben je ook gewoon goed. Ze spelen jarenlang geweldig voetbal en ik heb het gevoel dat veel mensen zitten te wachten op het moment dat het minder gaat. Vorig seizoen begonnen mensen ook te zeuren dat ze moe werden van het Barca-spel. Nee, dat kan niet. Ze spelen zo geweldig, daar kun je nooit moe van worden. Tijdens de wedstrijd ben ik maar een spel op de computer gaan spelen, omdat ik kwaad werd. Dat had ik ook toen Feyenoord onlangs tegen FC Zwolle met 2-0 achter kwam te staan na tien minuten. Dit soort wedstrijden moet je gewoon winnen. Nu met Graziano Pelle erbij winnen ze vaker van de kleine clubs. Vorig jaar vond ik ze beter voetballen trouwens. Dat kwam vooral door Karim El Ahmadi, dat was de regisseur op het middenveld. Hij zette meteen druk”, laat van Hanegem weten.

We hadden het al even over de wedstrijd tussen de twee grootmachten in Spanje. En wie over Real Madrid praat, die spreekt ook over Cristiano Ronaldo. Sommigen weten de Portugees perfect te beschrijven: You hate him, or you love him. “Ik vind Ronaldo een geweldige speler, alleen komt hij op mij soms irritant over. Mijn voorkeur gaat uit naar Andrés Iniesta. In het kort spelen is hij nog verfijnder dan Lionel Messi.

Voetbal is een belangrijk deel van het leven van Willem van Hanegem. Maar hoe ziet een dag van de oud-speler er verder uit zal men zich afvragen. “Ik sta heel vroeg op. Dat doen oude mensen vaak, haha. Dan kijk ik wat televisie, meestal sport. Daarna maak ik wat eten voor mijn familie. Hoewel, de ene studeert nu Spaans en de andere gaat vanavond (red.) voor vijf weken naar Australië. Mijn zoon is DJ en die gaat dus naar Australië. Eergisteren haalde ik ze nog op van het vliegveld. Ze kwamen terug van Miami. Ze vinden het leuk om dat soort dingen te doen. En als je iets leuk vind, dan moet je het doen.”

We spraken al over Iniesta op het middenveld bij FC Barcelona. En ook Xavi is in de ogen van ‘De Kromme’ een geweldige voetballer, die vaak zonder te kijken al een speler in zijn rug voelt aankomen. Maar de bescheiden Van Hanegem stond in de jaren zeventig ook bekend om zijn inzicht. “Ja, maar ik was niet zo snel”, lacht de oud-international. “Thuis had ik een tekst op de muur hangen: ‘aan hardlopen heb je niets’. Ik zei ook altijd: Als je maar op tijd vertrekt. Indien nodig, was ik een breker. Als ik in mijn gezicht werd gespuugd dan kon ik enorm kwaad worden. Voor de rest was ik hard wanneer het nodig was. Ik liet me de kaas niet van mijn brood eten.”

Van Hanegem won met Feyenoord de Europa Cup I. De voetbalcarrière was echter niet gepland. “Je moet ook mazzel hebben. Ik heb me als jonge jongen opgegeven voor een proeftraining bij Elinkwijk. Daar werd ik niet aangenomen, dus ging ik naar een andere club: DOS. Ik moest daar een oefenwedstrijd spelen, maar dat kon niet want ik had geen voetbalschoenen. Mijn moeder had niet echt het geld om ze voor me te kopen in die tijd. Dus ook bij DOS ging het toen niet door. Ik speelde wel in een ‘speeltuin-elftal’ en daarmee werden we kampioen van Nederland. Al die jongens gingen naar Velox en ik ging ook mee. Maar niet om te trainen, want ik had nog steeds geen voetbalschoenen. Er stond daar een trainer langs de kant, een grote vent. En hij zat alleen maar tegen die jongens te schreeuwen. Ik ging hem een beetje nadoen, een beetje baldadig. Die man werd op zijn beurt boos op mij en schreeuwde dat ik moest wegwezen. Ik ben toen naar een ander veld gelopen waar een man bezig was met het inschieten van een keeper. Ik haalde de ballen die naast gingen op voor ze, en die man vroeg of ik ook voetbalde. Ik gaf aan dat dit niet het geval was waarop hij zei dat ik lid moest worden. Ik liet weten dat ik er geen geld voor had en hij zei toen dat hij het voor me zou betalen. Ik heb er drie maanden gespeeld en toen kreeg ik een contract aangeboden. Het had ook zo kunnen zijn dat ik nooit met die jongens mee was gegaan, dan had ik die man nooit ontmoet.”

De oud-Feyenoorder noemde Karim El Ahmadi al. Maar dat is niet de enige Marokkaan die het goed kan vinden met Van Hanegem. De vraag is dan ook of de columnist merkt dat hij populair is bij het Marokkaanse publiek. “Nee, niet direct. Ik hoor het wel eens van mensen en soms zwaait er ook wel eens iemand van Marokkaanse afkomst naar me. Ik vind dat heel normaal en niet iets speciaals. Ik heb altijd wel goed kunnen opschieten met Marokkanen. Hoe dat komt? Ik denk dat het heel belangrijk is dat je elkaar in waarde laat. Als trainer stond dat bij mij altijd hoog in het vaandel. Ik vertelde mijn spelers altijd dat ze niet moesten liegen en dat ze elkaar niet in de maling moesten nemen. Want je moet het uiteindelijk samen doen.”

Laten we twee werelden in dit interview elkaar even ontmoeten. Het niet al te breed hebben thuis en Marokkaanse voetballers. Ismail Aissati gaf ooit in een interview aan dat ook zij het niet breed hadden thuis. Ook met Aissati is het uiteindelijk goed gekomen net als bij Van Hanegem. “Ik wilde Aissati graag naar FC Utrecht halen. Ik vind het zo een goede speler. Ik kan het heel goed vinden met die jongens. Onlangs zat ik nog met Ibrahim Afellay een kop koffie te drinken in Utrecht. En voorheen speelde ik wel eens met ze in de zaal. Ali B, Mounir El Hamdaoui en Said Boutahar deden dan ook mee. Bij laatstgenoemde was ik ook op de bruiloft. Dat was echt de beste jeugdspeler van allemaal. Boutahar was nog beter dan El Hamdaoui en Robin van Persie. Het was echt een fantastische speler die vaak bij mij over de vloer kwam. Ik heb nu nog een DVD van hem thuis liggen. Als je hem in de jeugd zag spelen, dan geloofde jij je ogen niet. Hij was constant aan het passen en het bewegen, en ik weet niet waar het mis is gegaan. Ik heb het er nog met hem over gehad, want dat passen en bewegen veranderde in passen en stilstaan. Ik vroeg hem toen hoe dat zo kwam en hij gaf aan dat de trainer aangaf dat je niet altijd mee moet willen spelen. Ik heb hem toen gezegd: Je moet altijd mee willen spelen! Als je voetbalt, dan moet je automatisch in beweging blijven, want je wilt de bal hebben. Ik heb als speler liever zes afspeelmogelijkheden dan één.”

Meerdere spelers van Marokkaanse afkomst spreken in interviews positief over Willem van Hanegem. ‘De Kromme’ heeft daar zelf niet echt een verklaring voor. Iets wat frappant is te noemen, want Marokkaanse jongeren komen in deze tijd vaker negatief dan positief in het nieuws. “Ik zou echt niet weten waarom ik een goede klik met ze heb. Het is echt niet zo dat ik ze volledig vrij laat als ik met ze werk. Als trainer mochten Marokkaanse spelers echt niet later komen of wegblijven, absoluut niet. Ik behandel ze gewoon normaal. Toen ik bij Feyenoord trainer was had ik zo een dertien donkere spelers in mijn elftal. En met allen kon ik het goed vinden. Als we op trainingskamp waren en in het hotel zaten, dan zat ik bij veel spelers nog tot 02:00uur op de kamer. We spraken dan over familie, kinderen, het privéleven en ga zo maar door. Ik was niet een type trainer die dan dacht: ‘nu moeten ze gaan slapen, want ze moeten morgen weer spelen.’ Dat vond ik onzin, want die spelers weten ook wel dat ze de volgende dag moeten voetballen.”

Van Hanegem lijkt dus erg betrokken te zijn met  zijn spelersgroep. Iets waar Nederlandse trainers niet echt bekend om staan, maar bij de oud-international wel sprake van is. Zou dit de verklaring zijn waar we eerder naar op zoek waren? “Het belangrijkste is dat je weet wie je spelersgroep is als je ergens gaat werken. In de voorbereiding ga je dan ook bijna alleen maar observeren. Welke groepjes ontstaan er en wie trekt met elkaar op? Daarnaast is het ook belangrijk dat een speler weet dat hij bij jou terecht kan als hij ergens mee zit. Soms had je een speler die zei dat er niets was, maar je kon zien dat het niet waar was. Na lang doorvragen kom je erachter dat de vader van zo een jongen ongeneeslijk ziek is. Dat is iets ernstigs. Zo’n jongen stuur ik onmiddellijk naar huis en hij mag dan zelf bepalen wanneer hij terugkomt, niemand anders hoeft dat voor hem te beslissen. De volgende ochtend kwam hij weer opdagen, omdat hij het met zijn familie had besproken en die gaven  aan dat het beter voor hem is om weer op de club te zijn”, vertelt Van Hanegem.

En zo heeft de Breskenaar meer verhalen over zijn manier van werken als trainer. “Ik heb een keer een speler gehad waarvan de vriendin er vandoor was met zijn auto. Ik zei: ‘Wees blij dat ze weg is, daar ben je in ieder geval vanaf, haha.’ Ik liet die speler dan meerijden met iemand die al jaren bij de selectie zat, maar geen basisplaats meer had. Beiden hadden dus een negatieve ervaring. Ik heb toen, tegen de speler die al jaren bij de selectie zat, gezegd dat hij de volgende wedstrijd zou spelen. Die ging er dus de keer erop heel anders bij zitten in de auto. De jongen met de weggelopen vriendin klaarde op die manier ook een beetje op. Het is geen kunstje dat ik hem flik, want daar houd ik niet van. Je moet eerlijk en reëel naar elkaar toe zijn en die jongen die weer een basisplek kreeg kon ook voetballen. Ik ben alleen ook geïnteresseerd in het menselijk aspect. Dat is het mooiste bij het werken met mensen.”

Momenteel spelen er redelijk wat jongens van Marokkaanse afkomst in de Nederlandse competitie. Vooral Younes Mokhtar maakt een goede indruk bij Van Hanegem. “Die linksbuiten van PEC Zwolle (Mokhtar, red.) vind ik een goede speler. Maar je hebt ook Iliass Bel Hassani van Sparta en Anouar Kali van FC Utrecht. Kali heb ik nog regelmatig contact mee en toen hij 15 was haalde ik hem bij de selectie van FC Utrecht. Een jongen met een hele aardige vader, die er elke dag was. Om eerlijk te zijn werd ik op een gegeven moment verdrietig. Men zei dat Kali weg moest bij Utrecht omdat hij het niet zou redden daar. Ik denk eerlijk gezegd dat die gasten helemaal geen verstand van voetbal hebben. Ik heb nog steeds contact met Anouar trouwens. Bij de eerste wedstrijd van het seizoen voor FC Utrecht was ik aanwezig als verslaggever voor Radio Utrecht. Na afloop vroegen ze me wat ik van de wedstrijd vond. Ik zei: ‘Het is wel leuk dat Jan Wouters tegen Feyenoord één op één wil spelen, maar dan moet je bij ons op het middenveld een speler hebben die het inzicht en het vermogen heeft om die spelers bij één op één weg te sturen.’ Ik heb toen gelijk aangegeven dat ze die speler hebben, maar dat hij op de bank zit: Anouar Kali. Wouters had tijdens die wedstrijd drie dezelfde spelers op het middenveld gepositioneerd. Harde werkers, maar zo blind als een kip. Kijk de statistieken van de tweede wedstrijd erop na zou ik zeggen. Kali kwam erin, en is er sindsdien niet meer uit geweest.”

Ondanks zijn stormachtige ontwikkeling, wordt Kali toch regelmatig bekritiseerd. En ook dit seizoen was dat het geval. Van Hanegem denkt dat dit meer aan de manier van spelen van FC Utrecht ligt, dan aan de speler. “Sommige mensen hebben geen verstand van voetbal. Hij is nu de belangrijkste speler van FC Utrecht. Ik heb een aantal mensen van AZ en FC Twente gesproken en ze geadviseerd om Kali te halen. Ook de hoofdtrainer van Anderlecht (John van den Brom) heb ik laten weten dat hij Kali moet aantrekken. Dit jaar heeft Kali één moeilijke wedstrijd gehad en dat was thuis tegen FC Groningen. Maikel Kieftenbeld stond tijdens die wedstrijd tegen hem. Ik heb Kali na de wedstrijd gesproken en gezegd dat hij het heel moeilijk heeft gehad en dat hij juist nu slimmer moest zijn in zijn manier van spelen. Ik zei: ‘Je weet dat die jongen op jou staat en dat ze jou moeten uitschakelen zodat FC Utrecht niet aan het voetballen toekomt. Nu moest je belangrijk zijn, maar zonder bal. Je moet de bal niet willen hebben in deze wedstrijd, maar de ruimte maken voor Stijn Wuytens. Neem Kieftenbeld lekker mee naar de flank, waardoor Wuytens makkelijker kan doorlopen en jij aan kan sluiten. De kans zou groot zijn dat Kieftenbeld je dan met rust zou laten.’ Toch vind ik Kali dit jaar de speler die de meeste progressie heeft geboekt.”

Men zou eerder verwachten dat Adam Maher wordt genoemd als meest progressieve speler van het seizoen. Van Hanegem deelt die mening niet. “Ik heb ze twee keer tegen elkaar zien spelen. Maher kwam er niet aan te pas tegen Kali. Wat ik van Zakaria Labyad vind? Het is niet mijn type speler. Qua persoon is het wel mijn type. Maar op het veld vind ik hem een beetje arrogant. Hij kan heel goed voetballen, maar soms heeft hij rare trekjes.”

Zijn naam viel al eerder in het interview: Mounir El Hamdaoui. De aanvaller kreeg in 2009 nog de prijs voor Voetballer van het Jaar (Eredivisie) overhandigd door Van Hanegem. De aanvaller sprak ook meer dan eens positief over de oud-middenvelder. Het contact is minder dan voorheen, nu de Marokkaan in Italië actief is. Tijdens zijn moeilijke tijd bij Ajax sprak El Hamdaoui dan ook niet echt met Van Hanegem over de reden van zijn verbanning bij Ajax 1. “Ik heb hem al een tijdje niet gesproken. Ik heb hem laatst nog wel gesmst, maar sinds hij bij Fiorentina zit, is het contact wat verminderd. Toen hij nog bij Ajax zat sprak ik hem. Ik begreep niets van zijn verbanning en hij vertelde me de reden ook niet. Wel gaf hij aan dat de reden niet veel voorstelde en dat er een daad werd gesteld. Ik ken Mounir zo goed en ik heb hem nooit negatieve dingen horen zeggen. Als je als coach een daad wil stellen, dan moet je dat op een goed moment doen. Je kunt dan niet alleen Mounir gaan corrigeren. Wij maken ook fouten, dus dan moet je ons ook corrigeren. En als jij een persoon bent met het hart op de tong, dan moet je naar mijn mening gewoon je zegje kunnen doen.”

Als oud-AZ’er is van Hanegem natuurlijk ook nauw betrokken bij de club. Als er iemand in de jeugd van AZ werd bestempeld als een groot talen,t dan was het Illias Haddad wel. Die speler werd gescout door Tottenham Hotspur, maar speelt momenteel voor FC Dordrecht in de Eerste Divisie. “Ik heb een heleboel wedstrijd van hem gezien toen hij nog bij Telstar speelde. Bij AZ heb ik hem bij de beloftes gezien en hij had de pech dat AZ toen een heel goed elftal had. Hij was naar mijn mening een beetje ongeduldig en hij had eigenlijk niet weg moeten gaan bij AZ. Doordat hij ongeduldig was, werd hij uiteindelijk uitgeleend. Als je het mij vraagt dan had hij gewoon moeten wachten op zijn kans. Je had bij AZ echt hele goede voetballers destijds en hij kwam net kijken. Bij Dordrecht heb ik hem twee keer zien spelen en ik vind het een hele goede centrale verdediger.”

Al dat gepraat over Marokkaanse voetballers in Nederland zal de lezer onderhand ook wel de strot uit komen. Het Marokkaanse elftal, daar is de lezer natuurlijk benieuwd naar. Want als we iets hebben kunnen leren van het verleden van onze website, dan is het wel dat Willem van Hanegem de meest gewilde bondscoach is in de ogen van onze doelgroep. “Wat ik op het moment van het Marokkaanse elftal vind? Ik kan niet zeggen dat het geweldig is, maar ik kan ook niet zeggen dat het geen goede spelers zijn. Ze hebben heel veel kwaliteiten, maar zijn alleen geen goed team. Dan heb je ook nog spelers die kwaliteiten hebben, maar niet geselecteerd worden. Men moet er eerst voor zorgen dat de spelers allemaal dolgraag voor het elftal willen spelen. Dat moet eerst goed georganiseerd zijn. Je moet alleen spelers hebben die er trots op zijn om voor het Marokkaanse elftal uit te komen, dat is in mijn ogen het belangrijkste. Je kunt toch gewoon een voorselectie van 30/40 spelers maken en vanuit daar selecteren? Het moet wel op een eerlijke manier gebeuren. Je moet ze ook laten beseffen dat ze niet zeker zijn van een plek in de selectie.”

Zoals de meeste fans van de atlasleeuwen weten is het wel eens voorgekomen dat een speler is vertrokken vanuit het trainingskamp. In de ogen van Willem van Hanegem is dat absoluut ‘not done’. “Dat kan toch niet? Het is gewoon te gek voor woorden, dat zijn precies de spelers die je niet moet hebben in je team. De rest van de spelers kunnen dan gaan denken: ‘’dat gaan wij de volgende keer ook doen. We gaan gewoon weg en we worden vast wel weer opgeroepen en krijgen dan ook een basisplaats.’ De regels moeten duidelijk zijn voor de spelers.”

Adel Taarabt is één van die spelers die meerdere malen heeft gezegd niet terug te keren, daarnaast besloot de speler het trainingskamp ook al eens te verlaten. De middenvelder van Queens Park Rangers bood meer dan eens zijn excuses aan en zag zichzelf daarna ook steeds weer worden opgeroepen. “Ik heb niets aan excuses als trainer. Als ik elke keer mijn excuses zou aanbieden, dan zou dat niets meer waard zijn. Als hij zijn excuses aan mij zou aanbieden als trainer van Marokko, dan moet ik er zeker van zijn dat hij het meent. Hij moet niet het idee krijgen dat het weer goed is zodra hij zijn excuses heeft aangeboden. Zelf bied ik ook niet snel mijn excuses aan.”

Van Hanegem leefde onlangs in onmin met Dick Advocaat. ‘De Kromme’ noemde de trainer van PSV een slapjanus wat betreft zijn bondscoachschap in 2004. Dit nadat Advocaat zich niet al te lovend had geuit over Willem van Hanegem als trainer. Uiteindelijk kwam het toch goed tussen de twee en men zou dan ook denken dat Van Hanegem in dit geval wel zijn excuses heeft aangeboden. “Nee, ik heb niet mijn excuses aangeboden. Ik heb wel zijn hand geschud, maar dat kwam meer door het feit dat men me daarvoor opbelde. Als ik een fout heb gemaakt dan is dat zo, maar dat was in dit geval niet zo. Tijdens het EK, na de beruchte wissel van Arjen Robben tegen Tsjechië, vroeg Advocaat mij of ik de persconferentie wilde doen. Ik gaf aan dat hij dit zelf moest doen en hier niet voor moest weglopen. Ik zei tegen hem: ‘Je moet gewoon gaan zitten en die gasten kunnen allemaal de kolere krijgen.’ Hij ging toen even rusten en toen hij weer naar me toe kwam heb ik gezegd dat ik de persconferentie zou doen, maar wel op mijn manier. Op het eind vroeg een Engelsman mij iets en ik antwoorde op een sarcastische manier. (De journalist vroeg wat hij zou doen als Advocaat ooit nog eens Robben eraf zou halen voor Paul Bosvelt. Van Hanegem gaf als antwoord: ‘’Dan sla ik hem neer.’’) Ik gaf ook meteen aan dat het een grapje was en Dick Advocaat vertelde me gelijk dat ik het geweldig had gedaan. Hij zei dat ik de kou uit de lucht had gehaald aangezien iedereen begon te lachen. Later hoorde en las ik dat hij boos op me zou zijn om wat ik had gezegd. Ik merkte toen gelijk dat er iets niet goed zat, want Advocaat zei iets heel anders tegen mij. Jullie moeten begrijpen dat wij al jaren met elkaar omgaan. Dan vind ik het niet kunnen dat je zo met de situatie omgaat. Heeft hij gelijk, dan heb ik geen recht van spreken. Maar dit was niet het geval. Sterker nog, voordat hij bondscoach werd liet hij weten dat hij het niet zou doen als ik niet mee zou mogen als assistent.”

De band tussen van Hanegem en Advocaat is nu weer hersteld. “Ik kan nooit boos blijven. Ik zag hem afgelopen zondag en toen gaf hij mij een hand. Ik heb het hem toen nog een keer gezegd: ‘Dick, je kent me al zo lang. Niemand hoeft bang te zijn dat ik aan iemand zijn poten ga zagen, daar zit ik niet op te wachten. Wij gaan al jaren met elkaar om en als iemand daar dus van op de hoogte zou moeten zijn, dan ben jij het wel.’ Dat speelt dus niet meer en vaak stelt zoiets ook niet veel voor.”

Terug naar het Marokkaanse elftal en de visie van Van Hanegem daarop. Een aantal jaren geleden gaf de oud-Spartaan zelfs aan dat hij voor Marokko zou kiezen, als hij voor de keuze werd gesteld waar verschillende Marokkaanse voetballers mee te kampen hebben. Dit omdat er meer voetballend vermogen in dat elftal zou zitten. “Op het moment vind ik dat Nederland ook goede spelers heeft. Of ik de keuze van Maher kan begrijpen? In de tijd waar ik eerder over sprak zou ik erover hebben nagedacht. Je had Rafael van der Vaart, Wesley Sneijder en nog een paar andere spelers op het middenveld. Toch is het voor mij vaak moeilijk te begrijpen. Als ik Marokkaan ben, dan wil ik voor het Marokkaanse elftal spelen. Maher had het zich makkelijker kunnen maken door te zeggen: Er lopen vijf/zes wereldmiddenvelders rond bij Oranje. Dit wordt moeilijk voor mij.”

Ook Maher is niet ontkomen aan het advies van ‘de Kromme’. De middenvelder van AZ kreeg te horen dat hij aanvallender moest denken. “Het is een middenvelder, dan ben je het hart van het elftal. Als het hart goed functioneert, dan win je de wedstrijd. Op een jonge leeftijd begon hij zich te onttrekken aan het middenveld en ging hij de bal op de achterste lijn ophalen. Ik heb toen gezegd dat hij vooruit moest gaan spelen, want op het middenveld wordt de strijd gestreden en daar wordt je beter van. Als je vijfenzestig bent mag jij de strijd ontlopen. Als je belangrijk en goed wilt worden, dan moet je daar zijn waar de strijd zich afspeelt. Een tijdje geleden speelde hij tegen PEC Zwolle en hij speelde een geweldige eerste helft. Iedereen gaf hem de ruimte en ze kwamen ook voor. Na rust ging Zwolle opportunistisch spelen en zetten ze sneller druk. Toen heb ik Maher niet meer gezien. Als je echt goed bent dan sta je op en zeg je: ‘Hier ben ik, kom maar op!’ Dat je dat niet doet, is echt zonde. Dat hij pas 19 is zegt mij vrij weinig. Al is hij 17, hij is goed. En hij speelt omdat hij goed is, en niet omdat hij de leeftijd van 19 heeft bereikt. Als een speler jong is, dan zeggen we vaak dat hij te jong is en als iemand 35 is dan zeggen we: hij is te oud.”

In 2007 verkoos Ibrahim Afellay een interlandcarrière bij Nederland boven Marokko. Vlak voordat hij die keuze maakte vroeg Van Hanegem de middenvelder wat zijn keuze zou gaan worden. Afellay gaf toen aan dat hij voor Marokko zou hebben gekozen als Van Hanegem bondscoach zou zijn geweest. “Wat dat met mij deed? Ik vind het leuk, maar meer ook niet. Ik heb nog regelmatig contact met hem, ook nu hij geblesseerd is. Het is een hele aardige jongen.”

Nordin Naybet en Mustapha Hadji. Twee namen die door de Marokkaanse voetbalfans enorm worden gewaardeerd. Maar het duo waardeert Willem van Hanegem op hun beurt ook. “Die twee hebben mij gevraagd of ik niet de coach wilde worden van het Marokkaanse elftal. Als ik de bondscoach van Marokko zou zijn dan had ik die twee er in ieder geval bij genomen. Die hebben op het hoogste niveau gespeeld en het waren geweldige spelers. Is Naybet nu aanspreekpunt voor jongeren bij de Marokkaanse bond? Dan snap ik al helemaal niet dat het soms niet gaat hoe het moet gaan. De ‘know-how’ is er dan. Beide jongens hebben jaren bij Deportivo La Coruna gespeeld. Ik denk dat Naybet niet alleen de spelers, maar de hele organisatie moet motiveren.”

In 2004 werd de stichting Marocprofs in het leven geroepen. Een team dat in het leven werd geroepen om onder andere goede doelen te ondersteunen. Zo werd er in april 2004 tegen Ajax gespeeld in de Amsterdam Arena, en ging de opbrengst naar hulp voor de slachtoffers van de aardbeving van dat jaar in Noord Marokko. Van Hanegem was één keer aanwezig als coach van dat team. Dat was in 2005 en toen werd er op Het Kasteel gespeeld tegen Sparta. “Het was heel leuk om te doen. Hadji en Naybet trainden ook mee met het team en ik heb toen tegen de jongere spelers gezegd dat ze een voorbeeld moesten nemen aan wat die twee hadden bereikt. We hadden een heel leuk elftal en we speelden Sparta helemaal weg. Ik had een elftal met jongens als Anouar Diba, Adil Ramzi, Ali El Khattabi, Mustapha Hadji, Nourdinne Naybet en ga zo maar door. We hadden gewoon een heel goed elftal. Je zag ook aan de spelers dat ze veel plezier hadden. En ja, soms deden ze gekke dingen met de bal, maar wat maakt dat uit? Dat is toch juist leuk? In het verleden was ik bijvoorbeeld trainer van Driss Boussata. Hij speelde toen in het tweede van FC Utrecht en kwam daarna naar AZ. Na 9 wedstrijden zat hij bij het nationale elftal en ik zei altijd tegen hem: ‘Zoek je directe tegenstander op en ga hem voorbij. Lukt het niet, jammer! Volgende keer ga je hem wel voorbij.”

Iedereen die het Marokkaanse elftal nauwlettend in de gaten houd, weet dat er ooit is gesproken over Willem van Hanegem als bondscoach. Toch is er niet heel veel over gezegd in de tijd dat dit ter sprake kwam. “Het klopt dat ik heel even contact heb gehad. Ik was in Rotterdam in een Marokkaans restaurant. Daar was ook een lid van de Marokkaanse bond, samen met Mohamed Sinouh en zaakwaarnemer Sietje Mouch. Mij is toen gevraagd of ik bondscoach van Marokko zou willen worden en ik zei toen: ‘Ja, dat doe ik wel.’ Ik heb daarna nooit meer iets van ze gehoord.”

Dat is niet de enige ervaring die Willem van Hanegem met de Marokkaanse bond had. “Ik was een keer in een hotel te Amsterdam. Ik was daar samen met de vader van Anouar Diba en één of andere generaal (Hosni Benslimane, oud-president FRMF). Ook hij stelde mij de vraag en hij zou er nog op terugkomen. Maar ook van hem heb ik nooit meer wat vernomen. Dat vind ik vervelend, want je kunt dan beter ‘nee’ zeggen. Maar dat heb je ook vaak met landen uit het Midden-Oosten. Gisteren (red.) werd ik nog gebeld voor één of andere club uit Koeweit. Ik heb maar ‘ja’ gezegd, maar ik weet toch dat ik niets meer van ze hoor. Dat gebeurt vaker en dan denk ik: val mij er niet mee lastig.”

Van Hanegem denkt wel te weten waarom het moeilijk is geweest om een hecht team te smeden bij Marokko. “Het klopt inderdaad dat er veel druk is van bovenaf. Als je aardig bent voor de mensen met macht, dan heb je de kans dat ze je kiezen. Maar als je beter bent dan zij op het gebied van voetbal, en je zegt daar wel eens iets over, dan willen ze je niet hebben. Want dan ben je vervelend. Als iemand wel die vrijheid krijgt en niet functioneert, dan is hij daar natuurlijk ook verantwoordelijk voor.”

Van Hanegem wil echter niet beweren dat dit probleem zich alleen voordoet in Marokko. “Ik weet ook wel dat het er in de rest van Afrika ook zo aan toe gaat. We hebben het nu over Marokko, omdat het land ontzettend veel goede spelers heeft. Maar is er nou niemand in staat om ervoor te zorgen dat ze allemaal respect hebben ten opzichte van elkaar? Elke speler die drie keer tegen een bal heeft geschopt in Europa, denkt dat hij heel goed is. Je moet een bepaalde hiërarchie hebben in je team. Het gaat niet om wie je aardig vindt en wie niet. Je neemt de goede spelers en de anderen hebben we ook nodig, maar zij zijn net iets minder. Je kunt alleen goed functioneren als je het belang van het team ziet en in dienst daarvan speelt. Je hebt elf goede spelers nodig en er lopen er twintig tot dertig rond. Maar het is geen team, dood en dood zonde. Normaal gesproken moeten Marokkanen voor Marokko kiezen en nu twijfelen ze. Waarom twijfelen ze? Omdat het niet altijd goed georganiseerd is. Vroeger had ik als trainer Youssef Fertout en Abdelkarim El Hadrioui onder mijn hoede. Geweldige spelers waren dat. El Hadrioui vertelde me ook vaak over het feit dat dingen slecht georganiseerd waren als ze in Afrika moesten spelen. Dat zijn dingen die jij je moet aantrekken en geregeld moet regelen.”

Willem van Hanegem is één van de velen mensen in de voetbalwereld die last heeft van vliegangst. Speelt dit dan geen rol bij zijn keuze als trainer? “Nu heb ik daar last van inderdaad, maar als speler had ik die angst niet. Op een gegeven moment kom je erachter dat vliegen niet bij je hobby’s hoort. Of ik in een Arabisch land aan de slag zou kunnen gaan? Ik vind voetbal het mooiste wat er is. Als ik naar clubs of landen in de Arabische wereld kijk dan denk ik dat ze beter kunnen voetballen dan dat ze laten zien. Tot nu toe heb ik alleen één jaar in Saoedi-Arabië (Al-Hilal) gezeten. Hoe het daar is? Voor Marokkaanse spelers is het moeilijk. Want die weten niet hoe ‘extreem’ het daar is. Voor mij is het geen probleem, maar voor mijn vrouw was het moeilijker. Die moest met de bus, want auto rijden mag een vrouw niet, en ze moest helemaal gesluierd zijn. Als zij een broodje wilde halen om de hoek, dan moest dat door een glazen loket. Ik heb dan zoiets van: ‘Het is zoals het is. Ik ben hier niet gekomen om dingen te veranderen.’ Het meest gekke wat ik daar heb meegemaakt was op de eerste training. We stonden op het trainingsveld en de tijd voor het gebed brak aan. Ineens was het hele veld leeg. Dus ik ben ze achterna gegaan en ik vond ze in de kleedkamer, waar ze allemaal op een kleedje aan het bidden waren. Ik heb ze toen gezegd dat ik dit soort dingen moet weten, zodat ik me daaraan kan aanpassen. Zo trainden we bijvoorbeeld tijdens de Ramadan (vastenmaand) laat in de avond. Of ik wel eens mee heb gedaan met de Ramadan? Nee, nog nooit. Ik vond het eten zo lekker daar, het was heel zoet. Wat betreft het voetbal, we hadden echt een aardig elftal. We werden kampioen, wonnen de League en de Super Cup. En we werden Arabisch kampioen.”

Ondanks de goede resultaten vertrok van Hanegem na een jaar. “Er was daar een prins aan het roer. En hij zei dat ik een auto zou krijgen als we Arabisch kampioen zouden worden. Ik zei tegen mijn vrouw dat die man gek was, want het was een hele mooie en dure Mercedes. We werden Arabisch kampioen en de prins was weg. Ik heb die man daarna nooit meer gezien. Het maakte mij ook niets uit eerlijk gezegd. Prins Nawaf was een broer van die andere prins. Hij stond heel hoog in de hiërarchie van Saoedi-Arabië. Zijn moeder was de zus van de vrouw van Koning Fahd. Maar het was een type man die vanuit de tribunes naar beneden kwam om te zeggen wie ik moest wisselen. Hij wilde mij een beetje in zijn macht krijgen. Als we bij hem gingen eten dan had hij mensen uitgenodigd en maakte hij een opstelling op een blaadje en gaf deze dan aan mij. Ik keek hem aan en zei: ‘We hebben een goed elftal, maar je bent wel erg chauvinistisch.’ Er stonden namelijk maar 9 spelers in zijn opstelling. Hij keek er naar en paste het gelijk weer aan.”

Wie met Van Hanegem praat over voetbal, krijgt de grappigste verhalen te horen. Want de oud-international gaat door over de gekkigheden die hij meemaakte. En daarnaast weten we nog steeds niet waarom het avontuur in Saoedi-Arabië maar één jaar heeft geduurd. “Bij één van die etentjes dronk hij (de prins) wel eens een borreltje. Wat helemaal niet mag in Saoedi-Arabië. Hij vroeg of ik ook wilde, maar ik lust het niet. Op een gegeven moment kwam hij ook de kleedkamer in en ik was bezig om iets op het bord te schrijven. Ineens hoorde ik iemand klappen en ik keek om, waarna ik hem daar zag zitten. Ik vertelde hem dat hij stil moest zijn of anders de ruimte moest verlaten. Ik wilde hem niet beledigen, maar hij hoorde niet in de kleedkamer. Bij de eerste wedstrijd zat de hele kleedkamer vol met prinsen en kinderen. Dus na de eerste wedstrijd ben ik niet meer de kleedkamer in gegaan, maar gelijk naar het hotel. De manager, voorzitter en vice-voorzitter kwamen langs en vertelden dat wat ik deed niet acceptabel was. Ik heb ze laten weten dat alleen de technische en medische staf de kleedkamer in mochten komen. Ik kan natuurlijk niet met al die mensen daar in de kleedkamer gaan zitten en toen dachten de spelers dat ik de volgende dag ontslagen zou worden. Er was uiteindelijk niets aan de hand, maar twee wedstrijden voor het einde van het seizoen kwam er een andere prins uit Amerika. Hij moest nog bijkomen van de jetlag en we zaten samen te praten. Hij, prins Nawaf, de secretaris, Lex Schoenmaker en ik. Die prins die vanuit Amerika was gekomen somde zes punten op die niet goed waren. Hij gaf aan dat de conditie van de spelers niet in orde was. Ik keek Lex aan en zei dat die man gek was geworden. We hadden alle doelstellingen bereikt en met nog twee wedstrijden te gaan waren we ook nog kampioen van Saoedi-Arabië. En dan komt deze man vertellen dat de conditie van de spelers niet goed is. Ik stond op en liep weg, waarna de secretaris me achterna kwam. Hij zei dat ik de prins had beledigd waarop ik reageerde met: ‘Nee, als ik hem een antwoord geef dan zou ik hem beledigen. Want die man heeft absoluut geen verstand van voetbal.’ Ik werd toen op non-actief gesteld en Lex mocht nog blijven uiteindelijk. Prins Nawaf kwam naar me toe en zei dat ik niet weg mocht. Ik vertelde hem dat ik weg zou gaan. Ze moesten mij nog een bonus van 280.000 euro  betalen, maar dat hebben ze nooit meer gedaan. Ik ben toen gewoon vertrokken. Ik vond mijn tijd daar niet vervelend, maar ik had wel af en toe het gevoel dat ze me in de maling namen. De vice-president kwam om te vragen of ik mijn geld al had ontvangen. Als ik aangaf dat dit niet het geval was, liet hij me weten dat de penningmeester zo zou komen. Als de penningmeester kwam dan vroeg deze of de vice-president al was geweest. Ik vertelde hem dat de vice-president zei dat hij het moest regelen. De penningmeester vertelde op zijn beurt weer dat hij de vice-president zou gaan zoeken, want die zou over dat geld gaan. Daarna kwamen ze niet meer. Dus vandaar het gevoel dat ik in de maling werd genomen.”

We spraken al eerder over het contact van Willem van Hanegem met de Marokkaanse bond. Dat verliep niet van een leien dakje. Maar wat als de Marokkaanse bond morgen belt om te vragen of ‘de Kromme’ bondscoach wil worden? “Het is een eindje met de auto, haha. Dat zou wel iets heel moois zijn. Ik ben wel zo eigenwijs om te denken dat ik in staat ben om een prijs te pakken. Maar dat kan ook niet anders als je over zoveel kwaliteiten beschikt. En niet alleen hier in Nederland heb je Marokkaanse spelers met kwaliteiten, maar in heel Europa. En waarschijnlijk ook in Marokko zelf. Ik heb een tijd geleden een aanbieding gehad van Wydad Casablanca, maar ook van hen heb ik niets meer gehoord. Maar toch ben ik zo eigenwijs om te denken dat het mij wel lukt om daar een goed elftal neer te zetten. Of ik het wel goed zie komen met het Marokkaanse elftal? Als Pim Verbeek structuur brengt in de organisatie, dan kan dat alleen maar belangrijk zijn voor de toekomst.”

Zoals gewoonlijk beëindigen we het interview met wat laatste woorden richting de bezoekers van onze website. “De fans van Marokko hebben veel passie. De laatste tijd hebben zij alleen maar teleurstelling ondervonden. De bezoekers van Atlas-Lions zijn ook niet gek en weten dat Marokko over goede spelers beschikt. Ik vind dat je als speler in de gedachte van de fan moet kruipen. Zij moeten ook voelen hoe het is om trots te zijn op spelers van Marokko. De fans moeten trots zijn op de spelers en de spelers moeten iets teruggeven, waardoor de fans trots blijven. Ik heb er een hekel aan als mijn spelers heel goed kunnen voetballen, maar we worden uitgelachen als we ergens verschijnen. Ik beëindig dan ook hoe ik begon: De laatste jaren heeft Marokko geweldige spelers en selecties gehad, maar het liep niet. Ik denk dan bij mezelf, hoe is dat toch mogelijk?”
Interview: Youssef Ghazouani & Youssef Aghmir
Uitwerking: Badr Aarab.